Optimalisering overgang van opbouw- naar uitkeringsfase premieovereenkomsten
15 juli 2014

Op verzoek van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en het Ministerie van Financiën is door LCP een onderzoek uitgevoerd naar de mogelijkheden voor optimalisering van de overgang van opbouw- naar uitkeringsfase en de inrichting daarvan in premie- en kapitaalovereenkomsten. Op 15 juli is het onderzoeksrapport aan de Tweede Kamer gestuurd.

 

De aanbiedingsbrief van staatssecretaris Klijnsma en minister Dijsselbloem kunt u hier downloaden. De belangrijkste bevindingen uit het rapport vatten wij hieronder samen.

Op dit moment is een deelnemer aan een premie- of kapitaalovereenkomst verplicht om op de pensioendatum het opgebouwde kapitaal in één keer aan te wenden voor de aankoop van een levenslang vast pensioen. Dit heeft tot gevolg dat al ruim voor de pensioendatum beleggingsrisico wordt afgebouwd en dat na de pensioendatum slechts in beperkte mate het aangaan van beleggingsrisico mogelijk is. Hierdoor wordt zowel voor als na de pensioendatum beleggingspotentieel gemist.

Ten behoeve van het onderzoek is marktpartijen gevraagd welke ideeën zij hebben voor de gewenste optimalisering van de overgang van opbouw- naar uitkeringsfase. Als belangrijkste conclusie is naar voren gekomen dat het beleggingsbeleid in principe afgestemd moet zijn op de hele levenscyclus en niet alleen op de periode tot de pensioendatum. In het beleggingsbeleid kan er dan rekening mee worden gehouden dat een deel van het pensioenkapitaal ook na de pensioendatum nog een aanzienlijk aantal jaren risicodragend belegd kan blijven. Als gevolg daarvan is het ook niet nodig in de periode tot aan de pensioendatum het beleggingsrisico volledig af te bouwen.

Risicodragend beleggen na pensioendatum kan vorm worden gegeven door middel van de aankoop van variabele annuïteiten of door binnen de premieovereenkomst doorbeleggen mogelijk te maken, waarbij maandelijks pensioenuitkeringen worden gedaan ten laste van de beleggingen.

Doorbeleggen na pensioeningang kan resulteren in hogere pensioenuitkeringen, maar er is ook een kans op lagere resultaten. Door ook na pensioeningang verschillende lifecycles aan te bieden, of een combinatie van een vaste en variabele annuïteiten, kunnen de deelnemers en pensioengerechtigden kiezen voor de mate waarin zij risico en rendement willen afruilen.

Extra keuzemogelijkheden leiden tot extra complexiteit voor deelnemers en pensioengerechtigden. Het is derhalve belangrijk dat adequate informatie wordt verstrekt over de aangeboden pensioenproducten en de bijbehorende risico's.

Pensioenuitvoerders ervaren dat in de praktijk verreweg de meeste deelnemers aan premieovereenkomsten (expliciet of stilzwijgend) kiezen voor het aangeboden standaard beleggingsmodel. Dit wordt de default genoemd. Aanpassing van de default naar een beleggingsmodel op basis van doorbeleggen na de pensioendatum is dus waarschijnlijk van doorslaggevend belang voor het welslagen van de nagestreefde optimalisatie van de overgang van opbouw- naar uitkeringsfase.

Een bijzonder punt van aandacht is het langlevenrisico. Bij doorbeleggen binnen de premieovereenkomsten is geen levenslange uitkeringsgarantie mogelijk, wat wel vereist is volgens de huidige wetgeving. Mogelijk kan deze uitkeringsgarantie beperkt worden tot een deel van het aanvullend pensioen. Dat kan overigens ook de regelgeving rondom de uitkeringsovereenkomsten beïnvloeden.

Kwantitatief is onderzocht in welke mate pensioenresultaten positief of negatief beïnvloed kunnen worden als gevolg van doorbeleggen na de pensioendatum. Op basis van de gehanteerde economische scenario's kan geconcludeerd worden dat tegenover een beter pensioenresultaat in het merendeel van de scenario's een relatief beperkte kans op een slechter resultaat staat.

Conclusie
Aan de nadelen van het huidige harde conversiemoment op pensioendatum kan tegemoet worden gekomen door meer beleggingsvrijheid toe te staan na pensioendatum. Zowel bij de variabele annuïteit als bij doorbeleggen binnen de premieovereenkomst wordt deelnemers een beter rendementsperspectief geboden. Door een deelnemer daarbij de keuze te bieden tussen lifecycles met verschillend risicoprofiel of combinaties met een vaste annuïteit kan deze het neerwaarts risico beperken tot een voor hem acceptabel niveau. Het is van belang dat pensioenuitvoerders hiervoor een goede default keuze bieden. Het conversierisico vermindert omdat niet langer van een beleggingsmodel dat meebeweegt met marktontwikkelingen overgegaan hoeft te worden op een eenmalig op de pensioendatum vastgesteld pensioen. Met het verwachte extra rendement als gevolg van het doorbeleggen na pensioeningang kan het inflatierisico verminderd worden. De variabele annuïteit biedt daarbij ook een levenslange uitkeringsgarantie voor een in euro's gemeten wisselende uitkering. Met andere woorden, de kans op kapitaalverlies bij vroegtijdig overlijden wordt afgeruild tegen de uitkeringsgarantie bij lang leven. Het alternatief van doorbeleggen kent geen langlevengarantie. Hier wordt de uitkeringsgarantie afgeruild tegen kapitaalbehoud bij vroegtijdig overlijden.


Om dit document te kunnen downloaden, vragen wij u vriendelijk onderstaand formulier in te vullen.

Aanmelden voor download(s)

Inschrijven voor LCP nieuwsberichten


 

Privacy statement

In ons Privacy statement kunt u lezen hoe wij, in overeenstemming met de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG), omgaan met uw persoonlijke gegevens.

Cookies on the Lane Clark & Peacock website

By using this website, you accept the use of cookies. For more information on how to manage cookies, please read our privacy policy.