Pensioenfonds Performance: 2020-Q4
17 maart 2021

Op 11 maart 2021 heeft De Nederlandsche Bank (DNB) diverse kerncijfers van 203 pensioenfondsen of collectiviteitskringen gepubliceerd met betrekking tot het vierde kwartaal van 2020. Wij geven een overzicht van de ontwikkelingen.

Download pdf versie
 

Aantal pensioenfondsen
In het vierde kwartaal van 2020 nam  het aantal pensioenfondsen en collectiviteitskringen (exclusief fondsen in liquidatie en fondsen met minder dan 100 deelnemers) af van 207 naar 203. Wel waren er veranderingen:

  • Pensioenfonds B&S verdween uit de lijst in verband met een collectieve waardeoverdracht naar Het nederlandse pensioenfonds.
  • De drie multiclient kringen van Volo () verdwenen in verband met een collectieve waardeoverdracht naar Het nederlandse pensioenfonds en Centraal Beheer APF.
  • Pensioenfonds Scildon verdween ook, in dit geval in verband met een collectieve waardeoverdracht naar Centraal Beheer APF en verzekeraar Scildon.
  • Kring DB Evenwicht van Centraal Beheer APF is nieuw in de lijst.

Actuele dekkingsgraad
De gegevens die DNB ieder kwartaal publiceert bevatten informatie over de beleidsdekkingsgraden (BDG), maar niet over de actuele dekkingsgraden (ADG). Met behulp van publiek beschikbare gegevens hebben we een indicatief verloop van de actuele dekkingsgraden gemaakt.

Per type pensioenfonds zijn in de grafieken de gemiddelde actuele dekkingsgraden getoond voor de kwartalen 2019K4 tot en met 2020K4. De stippellijnen zijn de ongewogen gemiddelden en de doorgetrokken lijnen de gewogen gemiddelden. De weging is op basis van het belegd vermogen, waardoor meer gewicht toegekend wordt aan de grotere pensioenfondsen. Uit beide figuren blijkt dat BPF’en gemiddeld een lagere dekkingsgraad hebben dan de andere pensioenfondsen. Aan de gewogen dekkingsgraden (rechterfiguur) is vervolgens te zien dat de grote BPF’en gemiddeld een lagere dekkingsgraad hebben dan kleinere BPF’en, terwijl bij de andere typen pensioenfondsen juist het tegenovergestelde geldt.

De gewogen gemiddelde actuele dekkingsgraad (gemeten over alle pensioenfondsen) steeg in het vierde kwartaal 2020 van 95,3% naar 100,2%.

Beleidsdekkingsgraad
Bij 73% van de fondsen daalde de beleidsdekkingsgraad (BDG) in het vierde kwartaal van 2020. Bij het merendeel van de fondsen (53%) ging het om een daling van maximaal 1%. De meeste pensioenfondsen hadden aan het eind van het vierde kwartaal van 2020 een beleidsdekkingsgraad tussen de 95% en 100%. Bij 86 fondsen was de beleidsdekkingsgraad lager dan 100%. Het vorige kwartaal was dit nog 83.

In onderstaande figuur wordt de ontwikkeling van de beleidsdekkingsgraad inzichtelijk gemaakt.

 

De gemiddelde (ongewogen) beleidsdekkingsgraad is in het vierde kwartaal van 2020 met 0,4% gedaald. De gewogen beleidsdekkingsgraad daalde meer, namelijk met 0,9%. Bij de bedrijfstakpensioenfondsen komt de gewogen beleidsdekkingsgraad lager uit dan de ongewogen dekkingsgraad. Dit komt doordat de grotere BPF’en een lagere beleidsdekkingsgraad hebben dan de kleinere BPF’en. Bij de ondernemings-pensioenfondsen, de beroepspensioenfondsen en de algemene pensioenfondsen is dit juist omgekeerd.

Voor de beleidsdekkingsgraad zijn dezelfde figuren te maken als voor de actuele dekkingsgraad. Hierin wordt de daling van de BDG gedurende de laatste vier kwartalen zichtbaar.

Beleggingsrendementen
In het vierde kwartaal van 2020 lieten alle pensioenfondsen een positief beleggingsrendement zien. Het (ongewogen) gemiddelde beleggingsrendement voor risico fonds in het vierde kwartaal van 2020 bedroeg 5,0% positief (2020Q3: 2,6% positief), met uitschieters van 1,0% positief tot 10,3% positief. Het gewogen gemiddelde rendement was 5,5% positief (2020Q2: 2,6% positief), wat inhoudt dat grotere pensioenfondsen gemiddeld iets meer rendement behaalden dan kleinere pensioenfondsen. Onderstaande figuur toont de rendementen ten opzichte van het verschil in actuele dekkingsgraad.

Geconcludeerd kan worden dat in het vierde kwartaal van 2020 de gemiddelde actuele dekkingsgraad steeg (+4,9%), met name door een positief gerealiseerd rendement (gemiddeld +5,5%). De rentedaling in het vierde kwartaal van 2020 had een drukkend effect op de actuele dekkingsgraad. De gemiddelde beleidsdekkingsgraad is in tegenstelling tot de actuele dekkingsgraad gedaald in het vierde kwartaal (-0,9%), doordat maanden met een hogere actuele dekkingsgraad uit de middeling vielen.

Feitelijke renteafdekking
In de volgende figuur is zichtbaar gemaakt in welke mate pensioenfondsen het renterisico hebben afgedekt.

 

Circa 69% van de fondsen heeft een renteafdekking tussen de 30% tot 70%. De (ongewogen) gemiddelde renteafdekking komt uit op circa 51% (2020Q2: 51%). Gewogen komt de renteafdekking gemiddeld uit op circa 40%, hetgeen betekent dat grotere fondsen de rente over het algemeen fors minder afdekken.

Ontwikkeling actuele dekkingsgraad versus zakelijke waarden en renteafdekking
Onderstaande tabel toont de ongewogen gemiddelde ontwikkeling van de actuele dekkingsgraad in het vierde kwartaal van 2020 ten opzichte van het percentage belegd in zakelijke waarden (verticaal) en de feitelijke renteafdekking (horizontaal) aan het begin van dit kwartaal. Deze tabel toont dat een hoger percentage belegd in zakelijke waarden in het vierde kwartaal van 2020 resulteerde in een gemiddeld positievere ontwikkeling van de actuele dekkingsgraad.

 

Cookies on the Lane Clark & Peacock website

By using this website, you accept the use of cookies. For more information on how to manage cookies, please read our privacy policy.