Pensioenrichtleeftijd blijft naar verwachting komende 20 jaar op 68 jaar
30 juli 2020

Op 8 juli 2020 heeft minister Koolmees het wetsvoorstel Wet Verandering koppeling AOW-leeftijd ingediend bij de Tweede Kamer. Dit wetsvoorstel regelt de eerder beloofde wijziging van de koppeling van de AOW-leeftijd aan de levensverwachting. Vanaf 2026 is de koppeling niet meer een op een, maar twee derde. Anders gezegd, voor ieder jaar dat de levensverwachting toeneemt, stijgt de AOW-leeftijd met 8 maanden. Dit geldt ook voor de toekomstige stijgingen van de pensioenrichtleeftijd. Op basis van de meest recente CBS-prognose en dit wetsvoorstel hebben wij de nieuwe verwachtingen inzake de ontwikkeling van de AOW-leeftijd en de pensioenrichtleeftijd bepaald.

Download pdf versie
 

Verwachte AOW-leeftijd
De AOW-leeftijd voor 2025 is vastgesteld op 67 jaar. Vanaf 2026 stijgt de AOW-leeftijd met drie maanden, als de verwachte levensverwachting met minimaal 4,5 maand toeneemt. Hierbij geldt een nieuw referentiepunt van 20,64 jaar. Dit referentiepunt is de door het CBS in 2019 geraamde levensverwachting van een 65-jarige in 2024 (het oude referentiepunt was 18,26 jaar, vastgesteld in 2009). De volgende tabel toont voor de jaren tot en met 2060 de verwachte ontwikkeling van de AOW-leeftijd volgens de nieuwe formules. De effecten van de meest recente CBS-prognose (december 2019) zijn minimaal; voor twee leeftijdscohorten geldt dat de verwachte AOW-leeftijd 3 maanden hoger wordt.

 

Verwachte pensioenrichtleeftijd
Volgens de huidige wetgeving en de verwachte ontwikkeling van de levensverwachting zal de pensioenrichtleeftijd in 2029 en 2038 worden verhoogd naar 69 respectievelijk 70 jaar. Op basis van het wetsvoorstel en de verwachte ontwikkeling van de levensverwachting zal de pensioenrichtleeftijd pas in 2041 naar 69 jaar stijgen. Dit verschil met de huidige wetgeving komt doordat bij de pensioenrichtleeftijd tien jaar vooruit wordt gekeken naar de levensverwachting. Met de verhoging naar 68 jaar in 2018 is in feite tot en met 2028 al een 1-op-1 koppeling gerealiseerd. Omdat op basis van het wetsvoorstel een 2/3-koppeling zal gaan gelden, wordt de huidige pensioenrichtleeftijd de komende twintig jaar bevroren.

Commentaar LCP
Met dit wetsvoorstel wordt, als onderdeel van het onlangs gesloten Pensioenakkoord, definitief uitwerking gegeven aan de beloofde temporisering van de AOW-leeftijd. Door de 2/3-koppeling en het nieuwe referentiepunt zal de pensioenrichtleeftijd veel later stijgen dan tot nu toe geprognosticeerd.

De pensioenrichtleeftijd blijft voorlopig afwijken van de AOW-leeftijd, maar de verschillen worden wel kleiner. In 2020 is de pensioenrichtleeftijd 20 maanden hoger dan de AOW-leeftijd, hetgeen regelmatig vragen oproept van deelnemers. Op basis van de verwachte ontwikkeling van de levensverwachting is in 2041, bij het verhogen van de pensioenrichtleeftijd naar 69 jaar, het verschil beperkt tot 9 maanden. Vanaf 2051 zijn de AOW-leeftijd en de pensioenrichtleeftijd naar verwachting gedurende een aantal jaren zelfs aan elkaar gelijk.

Cookies on the Lane Clark & Peacock website

By using this website, you accept the use of cookies. For more information on how to manage cookies, please read our privacy policy.