Wetsvoorstel met fiscale vereenvoudigingen is goed begin, maar roept vragen op
5 oktober 2016

Op Prinsjesdag is door staatssecretaris Wiebes van Financiën een wetsvoorstel gepubliceerd waarin diverse fiscale vereenvoudigingen op pensioengebied worden aangekondigd. Het betreft onder andere pensioenuitkeringen die de 1e van de maand in gaan, de afschaffing van de 100%-toets voor ouderdomspensioen en het vervallen van de zogenoemde doorwerkvereiste. Met deze maatregelen worden enkele vereenvoudigingen van het belastingstelsel gerealiseerd en administratieve lasten bij pensioenuitvoerders teruggedrongen. En zo mogelijk nog belangrijker: ook voor werkgevers en werknemers zijn de voorgestelde wijzigingen zeer welkom.

 

Afschaffing 100%-toets ouderdomspensioen, impact fiscale toets bovenmatigheid 3%-staffel nog onduidelijk
Tot nu toe moet een pensioenuitvoerder toetsen of een ouderdomspensioen niet hoger dreigt te worden dan 100% van het laatstverdiende pensioengevend loon. Hierbij moet rekening worden gehouden met diverse uitzonderingssituaties waarin een overschrijding van de 100%-grens wèl is toegestaan. In de praktijk leidt deze 100%-toets niet of nauwelijks tot extra fiscale begrenzing, maar vooral tot bewerkelijke administratieve lasten. Om die reden wordt voorgesteld om de 100%-toets voortaan achterwege te laten. Ook hiervan afgeleide toetsen voor partner- en wezenpensioen vervallen dan.

Uit onze navraag bij het Centraal Aanspreekpunt Pensioenen van de Belastingdienst blijkt dat het vooralsnog niet duidelijk is welke impact het afschaffen van de 100%-toets heeft op de toets op fiscale bovenmatigheid bij beschikbare premieregelingen die gebaseerd zijn op een rekenrente van 3% of lager.

Doorwerkvereiste niet meer van toepassing
Volgens de huidige wetgeving mag alleen uitstel van pensioeningang plaatsvinden indien en voor zover de betrokkene blijft doorwerken (zie ook ons artikel van 15 juli 2016). Gevolg hiervan is dat pensioenuitvoerders jaarlijks moeten toetsen of en hoeverre deelnemers, die hun pensioeningangsdatum willen uitstellen, nog doorwerken. Deze extra administratieve taak wil het kabinet wegnemen door de doorwerkvereiste te laten vervallen.

Pensioenuitkeringen mogen ingaan op de 1e van de maand waarin…
Het sinds 1 januari 2015 geldende fiscaal maximaal opbouwpercentage van 1,875% (bij een middelloonregeling) geldt voor een pensioen dat ingaat op de 67e verjaardag van de deelnemer. Een pensioen dat ingaat op de 1e van de maand waarin een deelnemer 67 jaar wordt, is daarmee volgens de Belastingdienst fiscaal bovenmatig en moet actuarieel herrekend worden (zie ook ons artikel van 3 maart 2015). Tot 1 januari 2017 was al goedgekeurd dat zo’n minimale herrekening achterwege mocht blijven. Nu wordt door het kabinet voorgesteld om via wetgeving te regelen dat deze herrekening definitief achterwege kan blijven. Ook met de ingangsdatum van partner- en wezenpensioen mag soepeler worden omgegaan; deze hoeft niet gelijk te zijn aan de overlijdensdatum van de deelnemer, maar mag ook de 1e van de maand zijn.

Uitbreiding nabestaandenoverbruggingspensioen
Per 1 januari 2015 was de extra Anw-uitkering voor nabestaanden bij wie een halfwees tot het huishouden behoorde, vervallen. Hierdoor was het bijverzekeren van een nabestaandenoverbruggingspensioen voor halfwezen ook niet meer mogelijk. Omdat het kabinet dit bij nader inzien toch onwenselijk acht, stelt zij voor om een extra nabestaandenoverbruggingspensioen toe te staan, ter grootte van maximaal 50% van dat van een volle wees.

Commentaar LCP
Wij zijn verheugd dat de slogan “Leuker kunnen we het niet maken, wel makkelijker” eindelijk voor een deel wordt nagekomen. De minimale actuariële herrekening van een pensioen dat niet ingaat op de exacte verjaardag hadden wij twee jaar geleden al bestempeld als doorgeschoten regelgeving van de Belastingdienst, en dat lijkt nu net op tijd hersteld te worden.

In het premiestaffel-besluit wordt, wat betreft de toets op fiscale bovenmatigheid bij 3%-premiestaffels, verwezen naar de Wet op de Loonbelasting. De nu voorgestelde vereenvoudigingen in de Wet op de Loonbelasting lijken deze fiscale toets bij 3%-premiestaffels echter niet te raken. Door ook deze toets af te schaffen kan nog meer vereenvoudiging bij uitvoerders en begrip bij deelnemers worden bereikt. Dat het neerwaarts risico van pensioen volledig bij de deelnemer ligt en het opwaarts risico wordt beperkt (een eventueel bovenmatig deel gaat naar de pensioenuitvoerder) blijft ten slotte bij velen een doorn in het oog. Ook met het oog op de variabele pensioenuitkering zou de Belastingdienst spoedig een eind moeten maken aan deze fiscale toetsing, mede omdat een eventuele “overwaarde” goed gebruikt kan worden als buffer voor de risico’s die na pensioendatum resteren.

Wij vinden het opmerkelijk dat bij het afschaffen van de doorwerkvereiste geen voorbehoud lijkt te worden gemaakt met de samenloop van bijvoorbeeld een WW-uitkering. Door het uitstellen van de pensioeningangsdatum zullen de sociale lasten toenemen, en wij vragen ons af of dit wel beoogd is met het wetsvoorstel. Een ander gevolg van dit wetsvoorstel is dat er mogelijk minder premie volksverzekering geïnd gaat worden. Immers, door het uitstellen van de pensioeningangsdatum tot een datum op of ná de AOW-datum is bijvoorbeeld geen AOW-premie meer verschuldigd over de eerste twee inkomensschijven.

Wonderlijk genoeg wordt in het wetsvoorstel nergens gerept over de twee verschillende minimale franchises die vanaf 1 januari 2018 verplicht gelden bij beschikbare premieregelingen (in 2016: € 12.953 voor de spaarpremie en voor middelloon-partnerpensioen op risicobasis, € 14.657 voor het eindloon-partnerpensioen op risicobasis). Tot 1 januari 2018 is het toegestaan om voor de vaststelling van het eindloon-partnerpensioen op risicobasis de lagere franchise te hanteren. Wij vinden het een gemiste kans van het kabinet om nu de tijdelijke goedkeuring niet ook om te zetten in definitieve regelgeving. Wellicht dat dit een wetsvoorstel wordt voor Prinsjesdag 2017?

Ten slotte heeft het ons verbaasd dat deze zeer wenselijke fiscale maatregelen onderdeel zijn van een wetsvoorstel over een belangrijk onderwerp als het uitfaseren van eigen beheer pensioen van DGA’s. Beide onderwerpen verdienen volgens ons een zelfstandig document en besluitvorming. Het zou bijzonder jammer en ongewenst zijn als de nu voorgestelde fiscale vereenvoudigingen opgeschort worden indien de besluitvorming over het DGA-pensioen vertraging zou oplopen.

Meer weten?
Voor meer informatie over dit onderwerp kunt u contact met ons opnemen.

 

Cookies on the Lane Clark & Peacock website

By using this website, you accept the use of cookies. For more information on how to manage cookies, please read our privacy policy.