DNB corrigeert rente per 31 december 2011
9 januari 2012

De Nederlandsche Bank (DNB) heeft onlangs besloten een correctie toe te passen op de rente van eind december 2011. Ook is besloten dat pensioenfondsen de voorgenomen korting per 1 april 2013 mogen maximeren op 7%. Volgens DNB verkleinen deze maatregelen de onzekerheid over pensioenen.

 

Voor de berekening van de technische voorzieningen per 31 december 2011 mogen pensioenfondsen uitgaan van een gecorrigeerde rentetermijnstructuur (RTS). In plaats van het hanteren van de dagkoersen, zoals dat normaliter gebeurt, baseert DNB de RTS per 31 december 2011 op het gemiddelde van de rentes van alle handelsdagen in de periode 1 oktober tot en met 31 december 2011. Als gevolg hiervan komt de RTS per einde 2011 circa 0,2%-punt hoger uit.

DNB meldt in haar nieuwsbericht dat deze maatregel genomen is doordat er te veel onzekerheid bestaat over de vraag of op de interbancaire swapmarkt op 30 december 2011 een juiste prijsvorming heeft plaatsgevonden, gelet op de uitzonderlijke marktomstandigheden en de gebrekkige liquiditeit in het lange eind van de interbancaire swapmarkt.

Door deze maatregel van DNB komt de gemiddelde gewogen dekkingsgraad van de pensioenfondsen per 31 december 2011 naar schatting uit op 98% in plaats van 94%. Als gevolg hiervan hoeven pensioenfondsen lagere of zelfs helemaal geen kortingen aan te kondigen per 1 april 2013. Bovendien valt hierdoor de kostendekkende premie voor 2012 circa 4 à 5% lager uit, zodat aanvullende premieverhogingen waarschijnlijk uit kunnen blijven voor 2012.

Commentaar LCP

De maatregelen van DNB lijken dus goed nieuws voor pensioenfondsen, werkgevers, werknemers en gepensioneerden. Hoewel wij goed nieuws voor deze partijen omarmen, vragen wij ons sterk af of de onzekerheid over pensioenen hierdoor echt verkleind wordt. Bovendien zetten wij vraagtekens bij de onderbouwing van dit besluit, de timing van de mededeling en de boekhoudkundige gevolgen. Een uiteenzetting:

1. Rentemarkt op 30 december 2011 was niet meer verstoord dan weken ervoor

DNB meldt in haar nieuwsbericht dat de maatregel om de rente te corrigeren ingegeven is door de onzekerheid over de prijsvorming op de interbancaire swapmarkt per 30 december 2011.

De interbancaire swaprentes per 30 december 2011 wijken echter nauwelijks af van de rentes in de weken daarvoor. Zo heeft de 20-jaarsrente in de laatste weken van december steeds rond het niveau 2,7% à 2,8% gestaan en de 30-jaarsrente in dezelfde periode rond 2,5% à 2,6%. Het klopt dat de swapmarkt in december minder liquide is geweest dan in andere maanden, maar dat is al vele jaren het geval. Tot nu toe was DNB echter altijd van mening dat de RTS ook in december een correct beeld gaf van de situatie op de markt.

Wij zijn wel van mening dat de swapmarkt al geruime tijd beïnvloed wordt door het beleid van de Europese en de Amerikaanse centrale banken (de ECB en de FED) om de rente kunstmatig laag te houden. In die zin is er dus wel sprake van een verstoorde markt, maar dit geldt al jaren en verstoort niet specifiek de interbancaire swapmarkt op 30 december 2011. Bovendien wordt deze verstoring niet geneutraliseerd door de RTS op de gemiddelde swaprentes in de laatste drie maanden te baseren.

2. Scheve balans

Door de getroffen maatregel ontstaat een scheve balans in de jaarverslagen van de pensioenfondsen. De pensioenverplichtingen mogen immers gewaardeerd worden op een gecorrigeerde marktrente, terwijl de bezittingen wel op de echte marktwaarde verwerkt worden. De vastrentende waarden zijn iets meer waard geworden door de gedaalde korte marktrente, maar vooral pensioenfondsen die de lange rente met swaps hebben afgedekt profiteren van deze maatregel. De renteswaps worden per 31 december 2011 namelijk wel gewaardeerd op de ongecorrigeerde marktrente, en zijn daardoor (veel) meer waard dan indien deze gewaardeerd zouden worden op de gecorrigeerde marktrente. Met andere woorden: de bezittingen worden hoger gewaardeerd dankzij de gedaalde rentestand, terwijl tegelijkertijd bij de waardering van de verplichtingen de rentedaling deels genegeerd mag worden.

3. Langetermijnvisie of besluit voor 1 dag?

DNB beoogt de onzekerheid rondom de pensioenen te verkleinen. Helaas heeft zij tot nu toe verzuimd aan te geven op welke wijze de RTS in de komende maanden door haar zal worden vastgesteld. Wordt de RTS voortaan gebaseerd op het gemiddelde van de laatste drie maanden of was dit een eenmalig actie per 31 december 2011? Of hangt dat besluit af van de hoogte van de swaprentes? Of van de hoogte van de dreigende kortingen?

De dekkingsgraden van de pensioenfondsen zien er nu voor één dag mooier uit, maar wat als blijkt dat de RTS van 31 januari 2012 op een vergelijkbaar niveau ligt als de ongecorrigeerde RTS per 31 december 2011? Wordt de RTS dan opnieuw ad hoc verhoogd? Of moet de pijn dan alsnog in één keer genomen worden door de pensioenfondsen, zodat de dekkingsgraden eind januari weer 3 à 4%-punt lager worden? Zelfs als de komende maanden een 3-maandsgemiddelde gehanteerd wordt, dan krijgen de pensioenfondsen op korte termijn te maken met de pijn die nu uitgesteld mag worden.

Het is naar onze mening daarom niet duidelijk voor pensioenfondsen noch voor deelnemers of pensioengerechtigden waar ze aan toe zijn. De onzekerheid over pensioenen is dan ook niet verkleind, maar eerder vergroot. Voor de evaluatie van de herstelplannen mogen de pensioenfondsen een iets hogere RTS hanteren, waardoor ze vooralsnog een enigszins mildere boodschap aan hun deelnemers mogen verkondigen. Bij een onveranderde rente over twee jaar komt de realiteit dan echter nog harder aan.

4. Macro-economische redenen?

In de huidige economische omstandigheden is een verhoging van de pensioen-premies niet gewenst. Ook de dreigende kortingen op de pensioenuitkeringen zullen een ongunstig effect hebben op de koopkrachtontwikkeling en de bestedingen. Indien men dit wil voorkomen, dan zal het FTK aangepast moeten worden. Maar als dit de achterliggende reden zou zijn van de afgekondigde maatregelen, dan moet men dit ook gewoon zeggen. In dat geval moet ook goed gecommuniceerd worden dat de rekening van het uitstellen van vervelende maatregelen toch een keer betaald zal moeten worden. Bovendien ligt de besluitvorming hierover naar onze mening primair bij de politiek en niet bij De Nederlandsche Bank.

5. Maximering van korting per 1 april 2013

DNB heeft ook besloten dat de voorgenomen korting per 1 april 2013 gemaximeerd mag worden op 7%. Pensioenfondsen dienen deze voorgenomen korting later dit jaar te communiceren met hun deelnemers. Tegelijkertijd dient echter de voorgenomen korting per 31 december 2013 gemeld te worden.

Per 31 december 2013 loopt voor de meeste pensioenfondsen het korte termijn herstelplan af, wat inhoudt dat zij op de minimaal vereiste dekkingsgraad van 104% à 105% moeten zitten. Deze maatregel van DNB betekent dan ook dat de pensioenfondsen die er het slechtste voor staan 9 maanden extra mogen wachten om dan alsnog de benodigde korting door te voeren. Ter illustratie: een pensioenfonds dat in totaal 20% zou moeten korten, hoeft nu niet 10% te korten per 1 april 2013 en 10% per 31 december 2013, maar mag op 1 april 2013 7% korten om vervolgens per 31 december 2013 de overige 13% te korten, uiteraard voor zover in de tussentijd de dekkingsgraad niet hersteld is.

Wij begrijpen de toegevoegde waarde van deze maatregel niet goed. Dit is alleen van waarde voor pensioenfondsen die per 31 december 2011 een dekkingsgraad hebben die lager is dan circa 85%. Er mag verondersteld worden dat een uitsteltermijn van 9 maanden te kort zal zijn voor deze fondsen, aangezien het ze al ruim 4 jaar niet gelukt is om de dekkingsgraad op het benodigde niveau te krijgen.

Wij zijn van mening dat pensioenfondsen moeten omgaan met de regels die nu gelden. Daarbij hoort ook het nemen van impopulaire beslissingen, zoals korten op opgebouwde pensioenaanspraken en pensioenrechten. Mocht de markt op dit moment echt dusdanig verstoord zijn, dat na een paar jaar blijkt dat dit toch niet nodig was geweest, dan kunnen dergelijke besluiten alsnog ongedaan gemaakt worden. Als echter blijkt dat op 1 april 2013 kortingen nodig zijn, dan betekent dit dat de markt al vijf jaar niet hersteld is. In dat geval moeten we accepteren dat dit de nieuwe werkelijkheid is, en maatregelen nemen die daarbij horen.

Klik hier voor een printbare versie van onze notitie over de gecorrigeerde RTS per 31 december 2011.

Klik hier voor het nieuwsbericht van DNB over de maatregelen van DNB ter verkleining van de onzekerheid over pensioenen.

Voor meer informatie of het maken van afspraak kunt u contact opnemen met Jeroen Koopmans.

Cookies on the Lane Clark & Peacock website

By using this website, you accept the use of cookies. For more information on how to manage cookies, please read our privacy policy.